Posts

Posts uit augustus, 2014 weergeven

Afsplitsing afdeling (Kruisvereniging)

Gerechtshof 's-Hertogenbosch
http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2014:2777

Grotendeels onsuccesvol hoger beroep van Rb. ZWB 8 januari 2014. Kan een vereniging die afdeling is van een overkoepelende afdeling, maar geen lid, het afdelingsverband beëindigen?
Constructie waarbij verenigingen afdeling zijn van een overkoepelende vereniging, maar alleen natuurlijke personen lid zijn van (steeds allebei) de verenigingen. Afdeling scheidt zich af. Dat kan, oordeelt het hof, onder verwijzing naar HR 28 oktober 2011, LJN BQ9854 (De Ronde Venen/SNU) over de opzegging van duurovereenkomsten. Het hof overweegt in r.o. 6.2.1, naar mijn mening tamelijk apodictisch:

"In conventie gaat het om de vraag of [de afdeling] de samenwerking met [de federatie] en haar positie als afdeling [] kan beëindigen. Die vraag dient naar het oordeel van het hof bevestigend te worden beantwoord. De omstandigheid dat de plaatselijke kruisverenigingen indertijd [de federatie] hebben opgericht,…

Randvermelding "Vereniging zonder rechtspersoonlijkheid"

Rechtbank Noord-Nederland 5 augustus 2014
ECLI:NL:RBNNE:2014:3830


Randvermelding. Betreft vaststellingsovereenkomst over meebetalen door groepslid aan schadevergoeding voor in groepsverband door een groep van ondernemers gepleegde onrechtmatige daad. Opvallend is echter dat wordt vermeld dat de eisende partijen (de overige groepsleden) zouden zijn "verenigd in deverenigingzonder rechtspersoonlijkheid [naam]". Dat kan natuurlijk niet. Niet elke groep is een vereniging, maar elke vereniging is een rechtspersoon, zo stelt art. 2:26 lid 1 BW voorop.
Zie ook mijn artikel over informele verenigingen: verenigingen zonder rechtspersoonlijkheid zijn al weer tijden geleden, en doelbewust, afgeschaft. Daarvoor in de plaats is de vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid gekomen (namelijk een vereniging zonder notariële statuten, maar met rechtspersoonlijkheid). 

De vermelding lijkt ook niet nodig in deze zaak, nu (correct) de individuele andere leden van de groep als eisers op treden. E…

Kantonrechtersarbitrage bij geschil met vereniging (Kaatsbond)

Rechtbank Noord-Nederland 1 augustus 2014 (KNKB)
ECLI:NL:RBNNE:2014:3866

Bij een "klein" geschil tussen een lid en een vereniging kan "kantonrechtersarbitrage" op grond van art. 96 Rv een nuttige route zijn, als beide partijen er mee instemmen om het geschil via die route op te lossen. Het moet wel gaan om een zaak  "die slechts rechtsgevolgen betref[t] die ter vrije bepaling van partijen staan", dus bijv. vernietigbaarheid van een statutenwijziging zal er mogelijk niet onder vallen.

Een advocaat is niet verplicht, maar mag wel (in onderhavige zaak lijken beide partijen een advocaat te hebben ingeschakeld). Het griffierecht bedraagt op dit moment voor een natuurlijk persoon, E 77,00. Alleen de eiser/verzoeker hoeft griffierecht te betalen, de gedaagde/verweerder niet. Ook de procedure via de eKantonrechter lijkt mogelijk, dit is in principe een digitale online variant (aannemende dat geschillen in een vereniging onder de toegelaten onderwerpen vallen).

De …

Niet-leden met stemrecht (Tuchtklacht notaris)

Gerechtshof Amsterdam 5 augustus 2014
ECLI:NL:GHAMS:2014:3095


Tuchtklacht van een lid tegen een notaris i.v.m. met statutenwijziging van de vereniging. In de nieuwe statuten hebben aangeslotenen stemrecht in de ALV, wat klager in strijd met de wet acht. Het hof overweeegt dat "rechtspraak en literatuur geen eenduidig antwoord geven op de vraag of aan aangeslotenen bij een vereniging – al dan niet als “bijzondere” leden – stemrecht in de algemene vergadering kan worden gegeven zonder dat de aangeslotenen een orgaan zijn van die vereniging of deel uitmaken van zo een orgaan." Het is echter niet aan de tuchtrechter om hierover het laatste woord te spreken.

Als je het als lid niet eens bent met een statutenwijziging, dan is de procedure van een tuchtklacht tegen de notaris op het eerste gezicht aantrekkelijk: er is geen advocaat voor nodig (zo begrijp ik uit deze zaak), er lijkt geen griffierecht te zijn, en de vervaltermijn van art. 2:15 lid 5 BW van 1 jaar geldt niet (de termijn…

Vrijheid van vereniging en eisen aan niet-toelaten leden (WBV Tuinwijk-Noord)

Rechtbank Noord-Holland 21 maart 2014
ECLI:NL:RBNHO:2014:2551

Een persoon staat jaren als "kandidaat-lid" op de wachtlijst van een "kleine" woningbouwvereniging die alleen verhuurt aan leden. Tegen de tijd dat de kandidaat vrij hoog op de wachtlijst staat, wordt hij geschrapt van de kandidatenlijst zonder opgaaf van redenen. De vereniging beroept zich uitdrukkelijk op de grondwettelijke vrijheid van vereniging. De rechter overweegt dat: "Uitgangspunt is de vrijheid van vereniging: het staat een vereniging in beginsel vrij om zelf te bepalen wie zij wel en niet tot haar vereniging toelaat. Onder omstandigheden kan het weigeren van het lidmaatschap echter in strijd zijn met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt en derhalve als een onrechtmatige daad jegens de benadeelde worden gekwalificeerd. De rechter kan het toelatingsbeleid slechts marginaal toetsen: alleen wanneer het belang van de betrokkene bij toelating veel groter is d…